TIEN TIPS VOOR HET JUISTE GEBRUIK VAN FOPSPENEN

Door Chiara Castellani - Logopedist

Alles wat je moet weten over het correcte en verantwoorde gebruik van de fopspeen

https://www.chicco.be/dw/image/v2/BJJJ_PRD/on/demandware.static/-/Sites-Chicco-Belgium-Library/nl_BE/dw1ba11756/site/advice-pages/10-conseils-pour-une-utilisation-correcte-de-la-sucette.jpg

Het is algemeen bekend dat niet-voedend zuigen, een natuurlijk instinct bij baby’s dat al vóór de geboorte aanwezig is en met een fopspeen wordt uitgevoerd, kan worden beschouwd als een essentieel onderdeel van de orale motoriek van het kind en positieve effecten heeft op de gezondheid tijdens de eerste levensperiode (1,2,3,4). Laten we nu samen de tips en adviezen ontdekken om een fopspeen correct te gebruiken en het welzijn en de gezondheid van je kind te waarborgen.

1. GEEF DE FOPSPEEN WANNEER BORSTVOEDING GOED VERLOOPT

Bij baby’s die borstvoeding krijgen, is het belangrijk om de fopspeen pas te geven wanneer de borstvoeding goed verloopt. Van een goede borstvoeding is sprake wanneer:

  • het kind de borst goed en efficiënt neemt
  • er een goede productie van moedermelk is
  • er een regelmatige gewichtstoename is

Er is geen specifieke tijdsaanduiding, omdat een goed verloop van de borstvoeding sterk kan variëren per moeder-kindcombinatie, van enkele dagen tot enkele weken. Het wordt ook aangeraden om tot de leeftijd van 6 maanden exclusieve borstvoeding op vraag te stimuleren en te ondersteunen, en erop te letten de fopspeen niet te gebruiken om de tijd tussen de voedingen te verlengen of om de honger van het kind te stillen.

2. ZORG ALTIJD VOOR EEN GOEDE NEUSHYGIËNE

Een anatomische fopspeen, zoals de Chicco PhysioForma, bevordert de positie van de tong naar voren en omhoog en creëert zo ideale omstandigheden voor het openen van de luchtwegen en het ondersteunen van een fysiologische neusademhaling. Het blijft echter belangrijk om altijd een goede neushygiëne bij de pasgeborene te garanderen: voer neusspoelingen uit met een fysiologische oplossing, waarbij de hoeveelheid vloeistof en de houding van het kind worden aangepast aan de leeftijd, om rhinitis te voorkomen en te behandelen. Op deze manier wordt het risico op neusverstopping en de daaruit voortvloeiende neiging tot mondademhaling verminderd.

3. BEVORDER DE NATUURLIJKE RUSTPOSITIE VAN DE TONG

Wanneer we niet spreken of eten, blijven de lippen gesloten en bevindt de tong zich in rust hoog en naar voren tegen het gehemelte, met de punt net achter de bovenste snijtanden, dicht bij de eerste gehemelteplooi. Naast het kiezen van een anatomische speen die helpt om de tong op natuurlijke wijze te positioneren, is het belangrijk om ook zonder fopspeen de rustpositie van de lippen en de tong te controleren, zowel tijdens wakkere momenten als tijdens de slaap van het kind, om te verzekeren dat deze correct is.

Bij afwezigheid van neusobstructie wordt ook aangeraden om de mond van het kind tijdens de slaap gesloten te houden door een lichte druk onder de kin uit te oefenen, zodat de tong zich correct tegen het gehemelte positioneert.

Als het kind geen correcte lip- en tonghouding aanneemt, is een logopedisch onderzoek aangewezen om een eventuele afwijking van de tongriem op te sporen, aangevuld met een KNO-onderzoek om mogelijke ademhalingsobstructies te detecteren.

4. VARIEER METHODEN EN GEWOONTEN OM DE ZUIGELING TE ONTSPANNEN

De fopspeen wordt beschouwd als het belangrijkste hulpmiddel om een zuigeling te kalmeren en het inslapen te vergemakkelijken. Toch wordt ouders aangeraden ook andere methoden te gebruiken om ontspanning en slaap te bevorderen: aanraking, wiegen of wandelen, activiteiten die het vestibulaire systeem stimuleren, massage, houdingsveranderingen en de stem.

Naarmate het kind groeit, moet het met hulp en begeleiding van de ouder ook andere manieren leren ontwikkelen om met emotionele momenten om te gaan. In de fase van het inslapen bij oudere kinderen is het aan te raden een slaaproutine in te voeren met vaste rituelen, zoals het voorlezen van een verhaaltje of het zingen van een slaapliedje. Wanneer het moment komt om te stoppen met de fopspeen, zal dit daardoor minder ingrijpend zijn.

5. BEVORDER DE ORALE GEVOELIGHEID

Om de ontwikkeling van een goede intra-orale gevoeligheid bij het kind te bevorderen, is het belangrijk om eerst de mondhygiëne van het tandvlees en daarna van de melktanden te stimuleren: reinig de mond van het kind met steriele gaasjes of siliconen vingerborstels en schakel over op tandenpoetsen zodra de eerste tand doorkomt. Moedig baby’s aan om te kauwen en te ontdekken: bied veilige voorwerpen aan die verschillen in materiaal, textuur en temperatuur, zoals bijtringen en tandenborstels die speciaal zijn ontworpen voor jonge kinderen. Aan het begin van de overgang naar vaste voeding kun je, op een veilige manier, voedingsmiddelen aanbieden met verschillende smaken, structuren, temperaturen en viscositeiten.

6. BEGELEID DE ORO-MOTORISCHE ONTWIKKELING TIJDENS HET SPEEN- EN VOEDINGSAFBOUWPROCES

Met de introductie van aanvullende voeding gaat het kind over van een voedingspatroon gebaseerd op zuigen naar een voedingspatroon gebaseerd op kauwen, een meer volwassen orale handeling waarbij de tong een verticale beweging naar het gehemelte maakt. Als aanvulling op de anatomische fopspeen is het belangrijk om baby’s al vroeg vaste voeding aan te bieden en hen thuis tijdens de maaltijden te laten wennen aan het drinken uit een gewoon glas. Dit alles draagt bij aan de ontwikkeling van meer volwassen mond- en kaakbewegingen.

7. BEVORDER EN VOLG EEN GOEDE VERTERING MET DE FOPSPEEN

Het is mogelijk dat het kind na de maaltijd de behoefte toont om op de speen te zuigen: deze behoefte moet als normaal en fysiologisch worden beschouwd, omdat niet-voedend zuigen via de fopspeen belangrijk is voor de spijsvertering bij zuigelingen. Het stimuleert namelijk de weefsels aan de basis van de tong om enzymen te produceren die de vertering ondersteunen. Als het kind echter ook last heeft van maag- en darmklachten, wordt aangeraden een kinderarts te raadplegen die mogelijke allergieën, intoleranties of een ongeschikte voeding van het kind kan evalueren.

8. BEVORDER COMMUNICATIEVE UITWISSELING

Na 6 maanden, met het verschijnen van de eerste brabbelfases en vervolgens de taalontwikkeling, is het aan te raden het gebruik van de fopspeen overdag te verminderen. Beperk vooral het gebruik van de fopspeen tijdens sociale interacties van het kind, zowel met volwassenen in zijn omgeving als met kinderen van dezelfde leeftijd, omdat juist in deze situaties de taalontwikkeling het meest wordt gestimuleerd.

9. BEPERK HET GEBRUIK VAN DE FOPSPEEN BIJ OORONTSTEKING

Het wordt aanbevolen het gebruik van de fopspeen volledig of gedeeltelijk te beperken bij terugkerende oorontstekingen. De hoogste incidentie van oorontstekingen treedt echter op na de leeftijd van 2–3 jaar, wanneer het kind doorgaans al stopt met het gebruik van de fopspeen.

Voor de preventie van acute middenoorontsteking is het belangrijk te benadrukken dat er ook andere risicofactoren bestaan voor het ontstaan van deze aandoening: volgens de richtlijnen van de SIP (Italiaanse Vereniging voor Kindergeneeskunde) moet blootstelling aan passief roken worden vermeden, exclusieve borstvoeding worden aangemoedigd en moeten hygiënemaatregelen in kinderopvangomgevingen worden toegepast.

10. LET OP HYGIËNE EN GEZONDHEID VAN DE MONHOLTE

Het is belangrijk om de speen altijd goed te steriliseren, minstens gedurende de eerste 6 tot 9 levensmaanden, om het risico op gastro-intestinale infecties en orale kolonisatie door schimmels te verminderen. Als de speen op de grond valt, geef deze dan niet opnieuw aan het kind en maak hem niet schoon door hem in de mond van de ouder te steken. Dompel de speen niet in zoetstoffen om het risico op tandbederf te verminderen.

In het algemeen moet de toestand van de speen altijd gecontroleerd worden en moet deze vervangen worden bij de eerste tekenen van slijtage of beschadiging. Ten slotte is het belangrijk te weten dat, als de speen vanaf het begin van de borstvoeding wordt gebruikt, deze rond de leeftijd van twee jaar geleidelijk moet worden afgebouwd en uiterlijk op driejarige leeftijd volledig moet worden gestopt.

Referentie

  1. Abdulkader, H.M., freer, Y., Fleetwood-Walker, S.M., McIntosh, N. (2007). Effect of suckling on the peripheral sensitivityof full-term newborn infants. Archives of disease in childhood.
  2. Lima, A.H., Hermont, A.P., & Friche, A.A. (2013). Analgesia in newborns: a case-control study of the efficacy of nutritive and non-nutritive sucking stimuli.
  3. Oral healt Policies and Recommendations. Available online.
  4. Moon, R.Y., Carlin, R.F., Hand, I., Task force on sudden infant death syndorme and the committee on fetus and newborn (2022). Sleep-Related infant Deaths: Updated 2022 Reccomendations for Reducing Infant Deaths in the Sleep Environment. Pediatrics.
  5. Gartner LM, Morton J, Lawrence RA, et al; American Academy of Pediatrics Section on Breastfeeding. Breastfeeding and the use of human milk. Pediatrics. 2005.